Het blijft lastig om in te schatten hoe succesvol connected tv’s werkelijk zijn. Net TV's worden met een verkoopaandeel van 22% inmiddels wel aardig verkocht. Het GFK, zo meldde Immovator onlangs, heeft deze verkopen onderzocht en komt met een aantal scorebord conclusies die wederom vragen om wat kritische kantekeningen en nuances:
Ten eerste, in het prijssegment boven de pakweg 800 euro is de internet connectivitet bijna een standaard feature dus geen primaire keuze door en voor de consument. Leuk meegenomen zeg maar.
Ten tweede, andere rapportages van ondermeer de publieke omroep geven aan, en bevestigen de eerdere stelling, dat minder dan de helft regelmatig gebruik maakt van die extra connectiviteit en ook nog in beperkte tijd uitgedrukt. Net.Tv is nog geen issue van belang en dat heeft weer te maken met de matige werking van browsers en widgets naast het nog gemankeerde en te vaak gesloten aanbod. Nog los van het dominante 'lean back' gedrag van de gemiddelde televisiekijker die veel van de aangeboden functionaliteit terug zal zien op 'tweede' schermen zoals tablets, smartphones en mini pc's.
Vervolgens zal de volgende generatie connectiviteit vanwege de ernstige vorm van marketing discrepantie die net televisies nou eenmaal hebben weer een heel andere zijn. Een tv heeft namelijk een levenscyclus van pakweg 6 tot 8 jaar. De internet televisie intelligentie is na een jaar veelal alweer gedateerd.
Er zal dus een markt blijven bestaan voor connectiviteits devices, zowel centraal in de meterkast alsmede gekoppeld aan om het even welke monitor. Nog los van wat verkoopcijfers lijken te vertellen een paar niet te ontkennen feiten over connected televisies, een overschatte ontwikkeling.
Met permissie, volgens mij kijk je te nauw. Connected TV is meer dan de kijkcijfers totnogtoe. Het is een “disruptive” ontwikkeling die de mediawaardeketen op z’n kop zet. De TV is het laatste, en meest waardevolle scherm van de consument dat direct met internet verbonden wordt, na de computer, de gsm en de tablet. Alleen al dat gegeven maakt dat je de consequenties moeilijk kan overschatten. De huiskamertelevisie wordt bereikbaar voor allerlei partijen, die tot nu buitengesloten werden door de monopolistische kabelaars en de omroepen, de dinosauriërs in het medialandschap.
Er komen spelers op de mediamarkt die totaal nieuwe concepten kunnen introduceren rondom de lean-back TV-ervaring, die inderdaad altijd leidend zal zijn in de huiskamer. Daartoe behoren onder andere de makers van de TV-toestellen zelf, die allerlei devices verbinden en functioneel integreren, maar die ook zien dat ze ineens een heel andere “competitive edge”-dimensie tot hun beschikking krijgen: content als differentiator naast aloude concurrentieaspecten als design, beeldkwaliteit en prijs.
Misschien nog wel belangrijker: Er komen nieuwe contentpartijen die met de traditionele omroepen gaan strijden om de aandacht en de kijkuren van de TV-consument. Met Connected TV valt bijvoorbeeld in een klap de hele bodem weg onder de wetgeving die een te nauw verband tussen uitgevers en omroepen verbiedt. Er is zoveel interessante content die bijvoorbeeld “uitstapjes” tijdens het lineair kijken zal triggeren (“druk nu op de red button om de volledige introductie van de nieuwe Tesla te bekijken”), dat de individuele kijker onvermijdelijk een deel van zijn of haar kostbare kijkuren zal verleggen van de paar zenders van nu naar de miljoenen opties van straks.
De creativiteit in TV-formats zal enorm toenemen. Als we slim zijn in Nederland -ik leg een wedje op partijen als de Talpa/Sanoma/SBS-combinatie- dan kunnen we een belangrijk medialand worden door met een open blik te kijken naar de enorme potentie van Connected TV en de context daarvan. Qua technologische infrastructuur en qua innovatiecultuur hebben we in Nederland een voorsprong. Het enige dat soms een beetje ontbreekt, is optimisme en durf. En -inderdaad- klinkende gebruikscijfers in absolute zin. Maar Rome is ook niet in 1 dag gebouwd.
Hans
Ik heb niet over kijkcijfers, die boeien niet. Ik heb over een onlogische constructie die ingehaald wordt door ontwikkelingen met tablets en smartphones. En geen evidente meerwaarde heeft voor grote groepen gebruikers. Dat is ook de reden dat Philips zelf afhaakt. En men roept al jaren dat kijkgedrag zal veranderen dat er veel op content gebied zal gebeuren, en weet je TV kijktijd is weer gestegen en ttraditionele broadcasters zijn zelf verantwoordelijk voor de grootste groei op digitale tv platformen. Neem RTL als voorbeeld. Laat ik je zeggen dat ik wel in kan schatten hoe de Mol denkt en wat de impact is voor technologie. Heel weinig om je maar uit de droom te helpen. Blijft mijn punt dat connectiviteit een hele korte levensduur heeft in tegenstelling tot TV sets. Dat kan je moeilijk ontkennen toch?
Ik weet het niet Albert… de causale verbanden die jij ziet, deel ik ook niet helemaal. Overigens: kijk maar eens wat RTL nu al aan omzet haalt uit non-lineair… Maar het is een interessante discussie. Gaan we zeker nog eens over door filosoferen
Hans RTL is en traditionele content partij die geen ruimte zal bieden aan de door jou genoemde nieuwe partijen. Anders zouden Sanoma en de Mol geen 800 mio dokken voor SBS. Believe me…
ach je kan wel de machines hebben maar als je geen nieuwe ideeen hebt dan kan je niks he.